Productaansprakelijkheid voor software en AI

De Europese richtlijn productaansprakelijkheid is ingrijpend herzien. Vanaf 9 december 2026 vallen software, AI-systemen en gekoppelde digitale diensten onder hetzelfde aansprakelijkheidsregime als fysieke producten. Dat heeft directe gevolgen voor elk bedrijf dat software ontwikkelt, distribueert, integreert of als dienst aanbiedt.

Onze ICT-juristen adviseren organisaties over de juridische risico’s van de nieuwe regels en helpen tijdig de benodigde maatregelen te treffen.

Productaansprakelijkheid software en AI juridisch advies Sens Juristen

De huidige productaansprakelijkheidsrichtlijn dateert uit 1985 en is in Nederland geïmplementeerd in afdeling 6.3.3 van het Burgerlijk Wetboek. Het principe is helder: wie een gebrekkig product op de markt brengt dat schade veroorzaakt, is aansprakelijk en dat geldt ongeacht of er schuld of verwijtbaarheid in het spel is. De benadeelde hoeft dus alleen schade, een gebrek en het oorzakelijk verband aan te tonen.

Dat systeem werkte prima zolang producten tastbaar waren. Maar een slimme koelkast die zichzelf bijwerkt of een AI-module die leert van gebruiksgedrag: de richtlijn uit 1985 bood geen sluitend antwoord op de vraag of zulke producten en diensten eronder vielen. Het gevolg was rechtsonzekerheid voor bedrijven en een zwakke bewijspositie voor benadeelden, met name in technisch complexe zaken.

De nieuwe richtlijn sluit die lacune. De beoogde datum waarop de nieuwe regels ingaan is 9 december 2026. Zij gelden voor producten die op of na die datum in de handel worden gebracht of in gebruik worden gesteld.

Op deze pagina

Software en AI vallen voortaan onder de productaansprakelijkheid

De definitie van ‘product’ wordt ingrijpend verruimd. Besturingssystemen, firmware, applicaties, AI-systemen en software-as-a-serviceoplossingen vallen er voortaan allemaal onder, ongeacht hoe de software wordt geleverd (via download, embedded in hardware of als cloudoplossing). Ook digitale fabricagedossiers – bestanden voor 3D-printers of CNC-machines – worden als product aangemerkt.

Gratis en opensourcesoftware die buiten een commerciële context wordt ontwikkeld en aangeboden, is van de regeling uitgesloten. Zodra je opensourcesoftware echter integreert in een commercieel product, kan je als fabrikant van dat product alsnog aansprakelijk zijn voor schade veroorzaakt door een gebrek in die software. De uitzondering is smaller dan zij lijkt.

Aansprakelijkheid voor software-updates en AI-gedrag duurt voort na de verkoop

Een fabrikant die zeggenschap houdt over een product, bijvoorbeeld omdat hij updates kan uitrollen of een AI-systeem blijft trainen, kan aansprakelijk zijn voor gebreken die ná de ingebruikname ontstaan. Het verweer dat het gebrek pas na het in de handel brengen is ontstaan, snijdt in die gevallen geen hout meer.

Concreet betekent dit dat een fabrikant die bijvoorbeeld nalaat een veiligheidskritieke update te leveren, aansprakelijk kan zijn voor de schade die dat nalaten veroorzaakt. Voor elk bedrijf dat na de lancering nog invloed uitoefent op zijn product, via updates, patches of gekoppelde diensten, is dit een wezenlijk nieuw risico.

Meer partijen in de toeleveringsketen aansprakelijk voor gebrekkige producten

De nieuwe richtlijn introduceert een getrapt stelsel. In eerste instantie is de fabrikant het aanspreekpunt. Is die buiten de EU gevestigd, dan komen achtereenvolgens de importeur, de gemachtigde van de fabrikant en de fulfilmentdienstverlener in beeld. Pas als ook die niet te identificeren zijn, kan de distributeur worden aangesproken, tenzij die binnen een maand de identiteit van een andere marktdeelnemer doorgeeft.

Onlineplatforms kunnen aansprakelijk zijn als zij een product presenteren op een manier die consumenten doet geloven dat het platform zelf de aanbieder is. Passief doorgeven van informatie volstaat niet voor aansprakelijkheid, maar de grens is in de praktijk niet altijd scherp. Voor bedrijven die producten importeren, fulfillment verzorgen of via een platform verkopen, is het de moeite waard de eigen positie in de keten juridisch te laten beoordelen.

Vernietiging of corruptie van privégegevens als vergoedbare schade

Verlies of corruptie van gegevens die niet voor beroepsdoeleinden worden gebruikt, levert voortaan vergoedbare schade op. Denk aan privéfoto’s die van een harde schijf verdwijnen als gevolg van een gebrekkige software-update, inclusief de kosten voor herstel of terugwinning. Gegevens die uitsluitend zakelijk worden gebruikt, zijn van vergoeding uitgesloten. Bij gemengd gebruik – een laptop die zowel zakelijk als privé wordt ingezet – bestaat het recht op schadevergoeding wel.

Verlichting van de bewijslast bij productaansprakelijkheidsclaims over software en AI

De bewijslast blijft in beginsel bij de benadeelde liggen, maar de richtlijn verlicht die last op drie manieren. De rechter kan een marktdeelnemer verplichten relevante bewijsstukken te verstrekken; weigert die, dan geldt het weerlegbaar vermoeden dat het product gebrekkig is. Datzelfde vermoeden treedt op als het product aantoonbaar niet voldoet aan dwingende veiligheidsvoorschriften, of als het product kennelijk disfunctioneert bij normaal gebruik. In technisch of wetenschappelijk complexe zaken zoals bij AI-systemen vaak het geval is, kan de rechter bovendien de bewijsdrempel verlagen. De eiser hoeft dan alleen aannemelijk te maken dat het product waarschijnlijk gebrekkig was.

Voor bedrijven die worden aangesproken, zijn goede productdocumentatie, testrapportages en een overzichtelijk updatebeleid daarmee juridisch waardevol. Wie niets kan overleggen, staat snel met zijn rug tegen de muur.

Vervaltermijn van 25 jaar bij latente gezondheidsschade door gebrekkige producten

De verjaringstermijn van drie jaar blijft bestaan. De vervaltermijn – de absolute grens waarna geen vordering meer mogelijk is – blijft in beginsel tien jaar, maar wordt verlengd tot 25 jaar als sprake is van lichamelijk letsel met een lange latentietijd: klachten die zich pas na jaren openbaren. Voor producenten van software of AI met mogelijke gezondheidseffecten betekent dit een wezenlijk langere risicoperiode dan waarop zij tot nu toe rekenden.

Voor wie zijn deze nieuwe regels relevant?

De nieuwe regels zijn het meest ingrijpend voor bedrijven die software of AI-systemen ontwikkelen of distribueren, maar de reikwijdte is breder.

Softwareontwikkelaars en SaaS-aanbieders die producten commercieel op de markt brengen, lopen direct aansprakelijkheidsrisico als hun software gebreken vertoont die schade veroorzaken. Datzelfde geldt voor fabrikanten van connected devices, slimme apparaten en AI-gedreven systemen waarvan de software na de verkoop nog onder hun zeggenschap valt.

Importeurs en distributeurs die producten van buiten de EU in de Europese markt brengen, kunnen worden aangesproken als de fabrikant buiten bereik is. Fulfilmentbedrijven en platformaanbieders moeten hun positie in de keten zorgvuldig beoordelen: de grens tussen een passief doorgeefluik en een aansprakelijke marktdeelnemer is in de wet scherper getrokken, maar zal in de praktijk tot discussie leiden.

Bedrijven die producten ingrijpend wijzigen en daarna opnieuw in de handel brengen worden voor de toepassing van de richtlijn als fabrikant aangemerkt. Zij zijn aansprakelijk als het gewijzigde product schade veroorzaakt door het gewijzigde onderdeel.

Veelgestelde vragen over de nieuwe richtlijn productaansprakelijkheid

Software valt als zodanig onder de definitie van product, ongeacht of zij via download, cloud of embedded in hardware wordt geleverd. Of jouw specifieke dienst ook als bijbehorende dienst kwalificeert (en daarmee als component van een product) hangt af van de mate van integratie. Een navigatiedienst zonder welke het navigatiesysteem niet kan functioneren, is een bijbehorende dienst. Een losse webapplicatie die ook zonder gekoppeld hardware werkt, ligt genuanceerder. Dit vergt een concrete analyse van jouw product en dienstverlening.

Als je opensourcesoftware als component integreert in een commercieel product, kun je als fabrikant van dat product aansprakelijk zijn voor schade veroorzaakt door een gebrek in die component. De ontwikkelaar van de opensourcesoftware zelf - die buiten een commerciële context opereert - geniet bescherming op grond van de uitzondering voor opensource. Hoe dat risico contractueel wordt verdeeld en of regres mogelijk is, verdient aandacht bij het sluiten van overeenkomsten met leveranciers.

Ja, in potentie wel. Een fabrikant die zeggenschap heeft over zijn product via updates of een gekoppelde dienst, kan aansprakelijk zijn voor gebreken die ná de ingebruikname ontstaan. Dat geldt zowel voor een update die een gebrek introduceert, als voor het ontbreken van een update die nodig was om de veiligheid te handhaven. Het updatebeleid en de interne processen rondom veiligheidspatches zijn daarmee juridisch relevant geworden.

De herziene productaansprakelijkheidsrichtlijn regelt civielrechtelijke aansprakelijkheid jegens benadeelden. De AI-verordening stelt publiekrechtelijke eisen aan de ontwikkeling en het gebruik van AI-systemen. Beide zijn van toepassing op AI-producten, maar vanuit een ander perspectief. Een AI-systeem kan voldoen aan de vereisten van de AI-verordening en tegelijkertijd een gebrekkig product zijn in de zin van de productaansprakelijkheidsregeling. De puzzel die beide regelingen samen opleveren, verdient een geïntegreerde juridische en technische aanpak.

Nee. De richtlijn bepaalt uitdrukkelijk dat aansprakelijkheid jegens de benadeelde niet kan worden beperkt of uitgesloten bij overeenkomst. Dat geldt ook via algemene voorwaarden of SaaS-contracten. Een clausule als "wij zijn niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door gebreken in onze software" heeft in deze context geen rechtskracht. De rechter zet die opzij.

Twee nuances zijn wel relevant. De productaansprakelijkheidsregeling geldt alleen voor vorderingen van natuurlijke personen, niet voor zuiver zakelijke schade tussen bedrijven onderling. In een B2B-relatie kun je aansprakelijkheid dus nog steeds contractueel beperken. Daarnaast kun je in de keten regresafspraken maken. Als jij wordt aangesproken terwijl de schade feitelijk is veroorzaakt door een component van een derde partij, kun je contractueel vastleggen dat je die kosten op die derde verhaalt.

Hoe helpt SenS juristen?

 

Een implementatiedatum van 9 december 2026 lijkt ruim, maar de voorbereiding begint nu. Software die momenteel in ontwikkeling is, valt bij een lancering na die datum direct onder het nieuwe regime. Contracten met leveranciers zijn nu gesloten op basis van het oude recht.

Wij helpen organisaties op een aantal terreinen. Denk aan het in kaart brengen van aansprakelijkheidsrisico’s voor jouw specifieke producten en positie in de keten, de screening en aanpassing van leverancierscontracten en algemene voorwaarden, het inrichten van productdocumentatie en updatebeleid, en de begeleiding bij claims als het toch zover komt.

Onze aanpak is helder. We adviseren wat jouw positie is, wat de risico’s zijn en welke stappen nodig zijn, zonder omhaal.

Foto van mr. Hester Spaans

mr. Hester Spaans

Co-founder & Senior ICT-jurist

Neem contact met ons op

SenS juristen

We zijn gevestigd op de Vijzelstraat 68 (1017 HL) in het mooie Amsterdam en sinds 2018 ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel onder nummer: 71533230.
Ons BTW-nummer: NL858752530B01. 

020 261 5141

Scroll naar boven

Laat hier je bericht achter. We reageren meestal binnen één werkdag.

* Bekijk ons privacybeleid om te zien hoe we met jouw persoonsgegevens omgaan.

mr. Hester Spaans

Co-founder & General legal consultant

Hester is een van de oprichters van SenS juristen en werkt als General Legal Consultant. Ze heeft meerdere masters in het recht afgerond aan de Universiteit van Amsterdam en het voorrecht gehad een half jaar aan de University of Hong Kong te mogen studeren. Gefrustreerd over de stoffige juridische wereld, besloot ze destijds het heft in eigen hand te nemen en als ondernemer te starten. 

Inmiddels werkt ze al zo’n 8 jaar bij SenS juristen en heeft ze honderden ondernemers mogen bijstaan met vraagstukken op het snijvlak van IT en recht.

Haar passie voor tech (en met name AI!) is van grote waarde bij het ‘vertalen’ van juridische regelgeving op het gebied van ICT/internet-en privacyrecht naar de dagelijkse technische realiteit. Klanten omschrijven haar als doortastend, vakkundig en pragmatisch. Om haar kennis op peil te houden is ze o.a. lid van de Vereniging voor Auteursrecht. 

mr. Lucia Spaans

Co-founder & Privacy officer

Lucia is mede-oprichter van SenS juristen en werkt gedreven samen met het team aan het leveren van onze juridische diensten op top niveau.

Ze is enorm gemotiveerd en een perfectioniste (soms, oké, dikwijls, op het irritante af) die alles tot in de puntjes geregeld wil zien. Haar passie voor het recht kwam al naar voren tijdens haar studietijd in Amsterdam, waar ze ervoor koos om twee juridische masters te volgen. Het liefst controleert ze alle juridische stukken en correspondentie die dagelijks bij SenS juristen de deur uitgaan meerdere malen, zodat de cliënt er zeker van kan zijn dat alles perfect geregeld is.

Verder is ze een groot fan van koffie, reist ze graag en is ze actief als gitariste (ja, echt).